In dit artikel over koolzaadhoning:
Nederlandse koolzaadhoning uit Groningen begint niet in een pot, maar in een landschap dat in het voorjaar plotseling van kleur verschiet. Waar enkele weken eerder nog donkere akkers lagen, staat dan ineens een zee van gele bloemen. Koolzaadvelden van twintig tot soms wel dertig hectare bij elkaar, strak in het Groningse land, met daarboven het zachte gezoem van duizenden honingbijen.
Voor de akkerbouwers in Groningen is die bloei een beslissend moment. Koolzaad moet goed bestoven worden om voldoende zaadjes te vormen. Want om die koolzaadjes is het uiteindelijk te doen: daaruit wordt later koolzaadolie geperst. Daarom worden wij ieder voorjaar gevraagd om bijenvolken bij deze grote koolzaadvelden te plaatsen. Voor imker Berthil betekent dat: plannen, kasten klaarmaken en zorgen dat de bijenvolken op het juiste moment tussen het koolzaad staan. Niet als decoratie aan de rand van het veld, maar als onmisbare helpers in de teelt.

Bijenvolken tussen de Groningse koolzaadvelden
Wanneer het koolzaad in Groningen begint te bloeien, verandert het landschap in korte tijd volledig. De grote akkers worden felgeel en trekken niet alleen de aandacht van voorbijgangers, maar ook van bijen.
Voor een bijenvolk is bloeiend koolzaad een rijke dracht. Er is veel nectar te halen en ook stuifmeel is volop aanwezig. Voor de akkerbouwer draait het in dezelfde periode om bestuiving. Elke bloem die goed bestoven wordt, heeft meer kans om uit te groeien tot een vrucht vol zaadjes.
Daarom plaatsen wij onze bijenkasten bij de velden, zodat de bijen direct tussen de bloemen kunnen vliegen. Het is een samenwerking tussen akkerbouwer, imker en bij. De akkerbouwer heeft bestuiving nodig, de bijen vinden er voedsel in overvloed en wij kunnen later een prachtige voorjaarshoning oogsten.
Koolzaadhoning is geen honing die geduldig op ons wacht. Ze is licht van kleur, zacht van smaak en geliefd als smeerbare crèmehoning, maar ze kristalliseert ook razendsnel. Soms zelfs al in de raat, wanneer we niet snel genoeg oogsten. Daarom vraagt deze honing om timing, vakmanschap en aandacht.
Vroeg op pad met de bijenkasten
Het plaatsen van bijenvolken gebeurt niet zomaar midden op de dag. Dat moet zorgvuldig en op het juiste moment. Bijen verplaats je namelijk wanneer ze binnen zitten. Daarom begint zo’n dag vroeg, vaak nog voordat de zon opkomt. De wekker van imker Berthil staat daarom om 03:00 uur al te rinkelen.
In de vroege ochtend zijn de bijen nog in de kast. De vliegopeningen worden gesloten, de kasten worden voorzichtig op de aanhanger geladen en daarna door Berthil naar de Groningse koolzaadvelden vervoerd. Eenmaal aangekomen krijgen de kasten een goede plek aan de rand van het veld. Daarbij wordt goed gekeken naar de ligging van het perceel, de wind en de ruimte rond de kasten, zodat de bijen veilig en rustig kunnen uitvliegen.
Zodra de vliegopeningen weer opengaan, oriënteren de bijen zich op hun nieuwe omgeving. Eerst zie je korte verkenningsvluchten voor de kast. Daarna trekken ze verder het veld in. Binnen korte tijd vliegen ze af en aan tussen de kasten en de gele bloemen.
Zo ontstaat de basis voor koolzaadhoning uit Groningen: de bijen bestuiven het gewas en verzamelen tegelijk de nectar die later als honing wordt geoogst.

Koolzaadhoning oogsten: goede timing van groot belang
Koolzaadhoning is prachtig product, maar lastig te oogsten. Zodra het koolzaad is uitgebloeid, moet de honing snel van de kasten af. Wachten we te lang, dan kan de honing al in de raat kristalliseren. En honing die eenmaal in de raat is verhard, krijg je er met slingeren bijna niet meer uit.
Daarom haalt imker Berthil de honingkamers kort na de bloei van de kasten. De raten worden naar de slingerruimte gebracht, waar imker Henri verdergaat met ontzegelen en slingeren zolang de honing nog vloeibaar genoeg is. Dat is een drukke periode, maar ook een van de mooiste momenten van het voorjaar: lichte raten, de geur van verse koolzaadhoning en het besef dat alles precies op tijd moet gebeuren.
Waarom kristalliseert koolzaadhoning zo snel?
De snelheid waarmee honing kristalliseert, wordt vooral bepaald door de verhouding tussen glucose en fructose. Dat zijn de twee belangrijkste natuurlijke suikers in honing. Fructose blijft relatief gemakkelijk opgelost, waardoor honing met veel fructose vaak langer vloeibaar blijft. Glucose lost minder makkelijk op en vormt sneller kristallen.
Koolzaadhoning bevat relatief veel glucose. Daardoor kan deze honing in korte tijd dikker worden, versuikeren en uiteindelijk hard worden. Dat proces is volledig natuurlijk en zegt niets over de kwaliteit van de honing. Het betekent ook niet dat er suiker aan de honing is toegevoegd.
Honing bevat veel suiker en weinig water. Daardoor is honing een oververzadigde suikeroplossing: er zit meer suiker in opgelost dan het water langdurig stabiel kan vasthouden. Zodra de eerste glucosekristallen ontstaan, kunnen andere glucosemoleculen zich daaraan hechten. Zo groeit de kristalvorming verder.
Ook temperatuur en de aanwezigheid van kleine kristalletjes kunnen invloed hebben, maar de belangrijkste factor blijft de glucose-fructoseverhouding. Bij koolzaadhoning gaat dit proces simpelweg sneller dan bij veel andere honingsoorten. Daarom moeten wij haar niet alleen snel oogsten, maar daarna ook goed begeleiden.
Wat maakt koolzaadhoning zo bijzonder?
Koolzaadhoning is een echte voorjaarshoning. De nectar komt van koolzaadbloemen die maar een beperkte periode bloeien. Daardoor is het een duidelijke seizoenshoning: je oogst haar niet het hele jaar door, maar juist in die korte periode waarin het koolzaad volop in bloei staat.
De honing zelf is zacht en toegankelijk. Koolzaadhoning heeft meestal een lichte kleur, van lichtgeel tot bijna wit wanneer de honing fijn gekristalliseerd is. De smaak is mild, vriendelijk en rond. Niet zwaar, niet scherp en niet uitgesproken kruidig, maar juist heel prettig voor dagelijks gebruik.
Dat maakt koolzaadhoning geliefd voor op brood, beschuit, crackers, pannenkoeken of door de yoghurt. Waar sommige honingsoorten een uitgesproken karakter hebben, blijft koolzaadhoning bescheiden. Ze overheerst niet, maar geeft precies die zachte zoetheid waar veel mensen naar zoeken in een fijne tafelhoning.
Koolzaadhoning of crèmehoning kopen? Kies jouw favoriet!
-
Nederlandse KoolzaadhoningNatuurzuivere Nederlandse koolzaadhoning uit onze eigen imkerij heeft een karakteristiek zachte en…Vanaf €10,13 -
Product in de uitverkoop
Koolzaadhoning emmer 5 kilo – CrèmehoningDeze emmer bevat 5 kilo koolzaadhoning met een stevige, crèmige structuur. Koolzaadhoning…Oorspronkelijke prijs was: €82,50.€73,50Huidige prijs is: €73,50. -
Product in de uitverkoop
ZonnebloemhoningNatuurzuivere zonnebloemhoning met een zachte, toegankelijke smaak. Deze helder gekleurde honing is…Vanaf €3,24 -
Product in de uitverkoop
KoolzaadhoningNatuurzuivere koolzaadhoning met een karakteristiek zachte en romige smaak. Deze lichtgekleurde honing…Vanaf €3,42
Van koolzaadhoning naar crèmehoning
Als koolzaadhoning zonder begeleiding in de pot gaat, kan ze snel grof of hard worden. De smaak blijft goed, maar het gebruiksgemak wordt minder. Niemand wil met een mes in een pot honing hakken of harde korrels op brood smeren.
Dat is werk waarbij ervaring belangrijk is. Imker Henri ziet tijdens het roeren hoe de honing langzaam verandert: van vloeibaar naar dikker, lichter en romiger. Het gaat niet om hard mengen, maar om rustig begeleiden tot de honing precies de juiste structuur krijgt.
Het doel is niet om kristallisatie tegen te houden, want bij koolzaadhoning hoort dat proces er nu eenmaal bij. Het doel is om de kristallen zo fijn mogelijk te laten ontstaan. Grote kristallen geven een grove, korrelige structuur. Hele fijne kristallen zorgen juist voor een gladde, romige honing.
Door de kristallisatie te begeleiden, maken we van koolzaadhoning een zachte crèmehoning die mooi smeerbaar blijft.
Waarom crèmehoning juist bij koolzaadhoning past
Niet elke honing hoeft crèmehoning te worden. Sommige honingsoorten blijven van nature lang vloeibaar. Andere honingsoorten kristalliseren langzaam en fijn. Maar bij koolzaadhoning is crèmehoning eigenlijk de mooiste vorm.
Dat komt doordat koolzaadhoning van nature snel kristalliseert. In plaats van dat als nadeel te zien, gebruiken we die eigenschap juist. Door het proces goed te sturen, ontstaat een honing die precies doet wat je wilt: makkelijk smeren, niet druipen en toch puur blijven.
Voor op brood is dat ideaal. Vloeibare honing loopt soms van je boterham af. Harde honing moet je bijna uit de pot steken. Koolzaad crèmehoning zit daar precies tussenin: zacht genoeg om goed te smeren, stevig genoeg om mooi te blijven liggen.
Crèmehoning maken in 5 stappen
Crèmehoning maken lijkt eenvoudig, maar het vraagt aandacht, timing en gevoel voor het product. Het is geen kwestie van honing opkloppen of er iets doorheen mengen. We begeleiden het natuurlijke kristallisatieproces, zodat de honing fijn en gelijkmatig kristalliseert.
Hieronder de stappen die we doorlopen om van Nederlandse koolzaadhoning een heerlijke cremehoning te maken:
- Op tijd slingeren
De eerste stap begint al bij de oogst. Koolzaadhoning moet uit de raat worden geslingerd voordat ze begint te verharden. Daarom halen we de honingkamers kort na de bloei van het koolzaad van de kasten en slingeren we de honing zolang ze nog vloeibaar genoeg is.
- Zeven en laten rusten
Na het slingeren wordt de honing gezeefd om grove wasdeeltjes te verwijderen. Daarna laten we de honing tot rust komen. Luchtbelletjes en kleine deeltjes kunnen naar boven komen, zodat de honing mooi klaar is voor de volgende stap.
- Enten met fijne kristallen
Om fijne crèmehoning te maken, gebruiken we een kleine hoeveelheid bestaande fijn gekristalliseerde honing als enting. Die bevat al de kristalstructuur die we willen hebben. De kleine kristallen vormen als het ware het voorbeeld voor de rest van de honing.
- Rustig en regelmatig roeren
Daarna wordt de honing dagelijks een aantal keren rustig geroerd. Niet hard kloppen, niet luchtig maken, maar geduldig mengen. Zo worden de fijne kristallen gelijkmatig verdeeld en krijgt de glucose in de honing de kans om in dezelfde fijne structuur verder te kristalliseren.
- Afvullen op het juiste moment
Wanneer de honing de juiste dikte en structuur heeft, vullen we haar af in potten. In de pot rijpt de crèmehoning nog iets verder door. Het resultaat is een lichte, zachte en smeerbare koolzaad crèmehoning.

Q&A over Koolzaadhoning
Nee. Crèmehoning bestaat gewoon uit honing. Er wordt geen room, melk, suiker, boter of bindmiddel toegevoegd. Alleen het kristallisatieproces wordt gestuurd.
Ja. Gekristalliseerde honing is nog steeds goede honing. Kristallisatie is een natuurlijk proces en zegt niets negatiefs over de kwaliteit.
Dat komt vooral door de verhouding tussen fructose en glucose. Acaciahoning bevat relatief veel fructose en blijft daardoor langer vloeibaar. Koolzaadhoning bevat relatief veel glucose en kristalliseert daardoor veel sneller.
Ja, dat kan voorzichtig door de pot in lauwwarm water te zetten. Verwarm honing liever niet te sterk. Bij crèmehoning is dit meestal niet nodig, omdat die juist bedoeld is om smeerbaar te blijven.
Koolzaad crèmehoning is heerlijk op brood, beschuit, crackers en pannenkoeken. Ook door yoghurt of kwark is deze honing erg lekker. Door de zachte smaak is het een fijne honing voor dagelijks gebruik.
Koolzaadhoning kopen: een pot voorjaar op tafel
Onze koolzaadhoning begint op de Groningse akkers, tussen de gele koolzaadbloemen. Daar vliegen onze bijen af en aan, bestuiven ze het koolzaad en verzamelen ze de nectar voor deze bijzondere voorjaarshoning.
Daarna volgt het werk van imkerij De Valksche Bijenhof: imker Berthil zorgt voor het plaatsen en oogsten van de bijenvolken, waarna imker Henri de honing slingert, roert en afvult tot crèmehoning. Zo ontstaat een honing die past bij het karakter van koolzaadhoning: licht, mild, puur en heerlijk smeerbaar.
Wie koolzaadhoning koopt, haalt daarmee niet zomaar een zoet beleg in huis. Het is voorjaar in een pot. Een honing die het verhaal draagt van bloeiende Groningse koolzaadvelden, hardwerkende bijen en het ambacht van de imker.
Want koolzaadhoning wacht niet. Deze honing wil kristalliseren. En juist door haar vóór te zijn, maken we er één van de lekkerste smeerhoningsoorten van.